Groentips & Groeninfo

Pancratium maritimum (Zandlelie)

Door     : Jacques van Gerven
  

De tijd van het jaar om je te oriënteren op zomerbeplanting voor de komende zomer is weer aangebroken.
Naast het normale eenjarige plantgoed kun je daarbij ook kiezen voor zomerbloeiende bollen.
Zomerbollen zijn echter helaas vaak slechts één jaar redelijk betrouwbaar.
Gelukkig zijn er echter ook zomerbollen die redelijk betrouwbaar jaarlijks terugkerend bloeien wanneer je ze onder de juiste omstandigheden houdt.

Een van die soorten is de Pancratium maritimum ofwel de Zandlelie. Deze plant wordt ook in de handel vaak verward met de Ismene, de Hymenocallis festalis. Het geslacht Hymenocallis met een kleine 60 soorten is echter afkomstig uit tropisch Zuid Amerika.

De zandlelie is in de Angelsaksische landen onder een groot aantal namen bekend, "sea daffodil", "sand lilly" en "lilly of Knossos" zijn daarvan wel de meest bekende.
Met narcis ("daffodil") of lelie heeft deze plant echter slechts weinig uit te staan, het is evenals de Narcis (en Hymenocallis) een lid van de Amaryllis familie.
De soort komt voor in het hele Middellandse zeegebied en sporadisch op de Kanarische eilanden en het zuidelijke deel van het Zwarte Zee gebied.
Bij de opgraving van het paleis van Knossos werd een fresco gevonden waarop deze bloem werd afgebeeld, door Evans werd deze afbeeding "blauwe vogel met lelie" genoemd (Evans was archeoloog, géén botanicus).
Deze fresco is bijna 4000 jaar oud, waarmee dit een van de oudste bekende afbeeldingen van bloemen is.

 

 

In het verleden kwam de soort zeer veel voor, maar door het verdwijnen van geschikte biotopen is de populatie sterk gedecimeerd en behoort inmiddels tot de bedreigde flora van Europa.
Op enkele plaatsen komt de plant nog in grotere aantallen voor en zorgt ze in de latere zomer (augustus-oktober) voor een spectaculair schouwspel. De wilde planten genieten een wettelijke bescherming maar een aantal telers leveren legaal plantmateriaal.
De plant groeit van nature dicht bij de hoogwaterlijn in zeer grofzandig tot stenige grond.
Zelf heb ik de plant in zijn natuurlijke habitat zelden meer dan enkele meters boven het peil van de hoogst mogelijke waterstand aangetroffen.
Op die standplaatsen is de bodem op een diepte van 10-20cm altijd vochtig door capillair (brak)water van de nabij gelegen zee terwijl de goede doorlaatbaarheid van het grove zand ervoor zorgt dat de plant nooit met de wortels in het water staat.

De plant zelf is een vaste plant met groenblijvende brede lintvormige bladeren die tot 40 á 50cm lang kunnen worden en ontspringen uit een tot wel 20cm lange bladschede die vaak volledig begraven is in het duinzand.

Alleen tijdens zeer hete droge zomerse omstandigheden sterft het loof soms af. Diezelfde zomerhitte zorgt er echter voor dat de plant tot bloei wordt aangezet, een standplaats in de volle zon en zo warm mogelijk is dus gewenst!

Vanaf eind juli verschijnt de 20-40 cm lange bloeistengel met 3-15 witte bloemen die tot 15 cm lang kunnen zijn. De “bloemkroon” wordt gevormd door de aan de basis vergroeide meeldraden en is 2/3 van de lengte van de eveneens witte kelkbladeren.
De bloemen hebben een prettig subtiele leliegeur die met name op windstille zomeravonden te ruiken is. De bloei vindt plaats van Augustus tot Oktober.
De plant wordt bestoven door de windepijlstaart, een soort die alleen op deze bloemen vliegt bij windsnelheden onder de 2 m/s.
Kunstmatige bevruchting van de bloem is zeer moeizaam. Een eigenschap is dat de plant niet met het eigen stuifmeel bestoven kan worden, alleen kruisbestuiving resulteert in zaadvorming.

Na de bestuiving ontwikkelen zich vrij grote gitzwarte zaden die wel op stukjes houtskool lijken. Deze zaden worden weggeblazen door de wind of meegenomen door zeestromingen naar verder weggelegen stranden.
Planten die zich uit dit zaad ontwikkelen bloeien pas na 4 á 5 jaar voor het eerst.

Een andere vermeerderingsmethode is door middel van klisters. De bol vormt dochterbollen, na de bloei kan een wat oudere plant voorzichtig gescheurd worden om zo nieuwe planten te winnen.
Planten die op deze wijze verkregen worden bloeien al na 2 á 3 jaar.

De plant kan het beste in een grofzandig substraat op een zeer zonnige en warme locatie gehouden worden. De plant heeft veel warmte nodig om tot bloei te komen!
Water geven kan het beste "van onder" op een schoteltje en af en toe een snufje zeezout toevoegen kan daarbij geen kwaad.
Een geschikt substraat is brekerzand of zeezand met een heel klein beetje compost en klei (max. 1/5e deel) bijgemengd, dit komt overeen met de natuurlijke groeiomstandigheden.
De plant is zéér matig winterhard (max -5 tot volgens sommige bronnen -10) en kan het beste vorstvrij overwinterd worden in een koele kas.

 

 

 

meer

 

 

 

16
Aug
Frankrijk vakantieland - Blik op de tuin no. 915
13
Aug
Beter met planten - Blik op de Tuin no. 914